Oude heer

Eigen regie

De nadruk op de eigen regie is zeker geen toeval. Er is veel discussie over hulp bij zelfdoding of over hulp bij een zelfbezorgde goede dood onder eigen regie. Vanwege de strafbaarstelling van die hulp in artikel 294 Sr neigt die discussie ertoe volledig op te gaan in een discussie over de hulp in kwestie, terwijl daarmee vergeleken de keuze voor levensbeëindiging buiten beeld blijft.

Met andere woorden, wat wezenlijk is, wordt uit het oog verloren en men stort zich op wat secundair is. Dit is het gevolg van de juridische situatie in Nederland waarin zelfdoding niet strafbaar is gesteld, maar de hulp erbij wel.

Deze strafbaarstelling gaat terug op wat in de toenmalige opvatting zelfmoord werd genoemd (de strafbaarstelling werd van kracht in 1886). De term zelfmoord wordt hier niet gehanteerd. Daarvoor zijn diverse redenen te noemen.

Sinds de tijd van strafbaarstelling is een aantal veranderingen van grote invloed geweest op het denken over het zelfgekozen levenseinde en de eventuele hulp daarbij. In de eerste plaats is er sinds de tweede helft van de negentiende eeuw sprake van een verdubbeling van de gemiddelde levensverwachting (met alles wat daar bij hoort) van ruim boven de veertig jaar toen naar ruim boven de tachtig jaar nu.

In de tweede plaats is er sprake van een verveelvoudiging van het medisch kunnen (met alles wat daar bij hoort, zoals onder meer de vraag naar de verhouding tussen levenskwantiteit en levenskwaliteit).

In de derde plaats ten slotte zijn mensen zelfbewuster geworden en zullen zij meer dan ooit een beroep doen op hun zelfbeschikkend vermogen ook al zijn er (politieke) krachten in de samenleving die daartoe obstakels opwerpen.

De hier aangestipte ontwikkelingen zijn voor De Einder aanleiding om te pleiten voor een fundamentele discussie over de reikwijdte van art. 294 Sr.